ALBLASSERDAM – Een 22-jarige Alblasserdammer is door de meervoudige kamer van de rechtbank in Dordrecht veroordeeld tot een celstraf van vier maanden vanwege het bedreigen van een dorpsgenoot. Justitie had acht maanden cel geëist. De Damdorper schoot op 13 november 2020, tijdens een verkeersruzie in de Maasstraat, nabij het Scheldeplein in Alblasserdam, met een vuurwapengelijkend voorwerp richting een 32-jarige Alblasserdammer. In eerste instantie werd de verdachte verweten dat hij gepoogd heeft de dertiger van het leven te beroven. Daar is volgens de rechtbank onvoldoende bewijs voor.

Eerdere veroordelingen
Omdat de verdachte twintiger vorig jaar ook al twee voorwaardelijke straffen opgelegd heeft gekregen, krijgt de man naast de celstraf ook een werkstraf. Op 21 september 2020 veroordeelde de politierechter M. T. voor een mishandeling. De man kreeg onder meer twintig uur voorwaardelijke werkstraf. En op 7 augustus 2020 veroordeelde het gerechtshof in Den Haag M. T. tot een taakstraf van 120 uur, waarvan 60 voorwaardelijk, vanwege openlijk geweld tegen personen. Dit betekent dat de de man na zijn celstraf van vier maanden een taakstraf van tachtig uur uit moet gaan voeren.

Met je kanker balletjespistool…
Op 13 november 2020 liep het aan het begin van de avond snel uit de hand in Alblasserdam. Het 32-jarige slachtoffer reed met zijn vriendin in een auto en kwam daar de 22-jarige verdachte tegen die samen met een andere Alblasserdammer in de auto zat. Er ontstond een bijna botsing, waarna het slachtoffer en zijn vriendin uitstapten. Het slachtoffer, dat zelf onlangs nog werd veroordeeld voor bedreigingen en het maken van schietende bewegingen tijdens een verkeersruzie, ging verhaal halen. Op een filmpje is te horen dat het slachtoffer zegt: “Jij hebt een kankerprobleem, maat. Kankermongool. Kanker tjappie, met je kanker balletjespistool man. Sukkel. Jou trap ik helemaal de kanker in vriend.” Vervolgens is er een harde knal te horen. De vriendin van de man roept: “Wat gebeurt er?” Waarop het slachtoffer antwoordt: “Hij schiet twee keer.” Niet veel later reed de vermeende schutter als bijrijder weg in een auto.

Duizend procent
Er is door de politie uitgebreid onderzoek gedaan. Kogelinslagen of hulzen zijn niet gevonden. Wel is er een deel van een kenteken bekend en werd door het slachtoffer een naam genoemd. Als de politie een foto laat zien van iemand die zo heet, antwoordt het slachtoffer: “Dat is de perfecte persoon. Dat is hem zeker te weten. Duizend procent zeker.”

Ontkennen
De verdachte en zijn advocaat ontkenden tijdens de rechtszitting de aantijgingen van het Openbaar Ministerie. De 22-jarige zou die avond daar niet zijn geweest. Ook zou de fotoconfrontatie niet goed zijn gegaan, doordat de politie maar één foto heeft laten zien. De rechtbank geeft toe dat de bewijskracht daarmee inderdaad ‘gering’ is, maar er is volgens de rechters geen reden om het uit te sluiten van het bewijs.

De zwarte Fiat die na het incident wegreed, werd later aangetroffen en in beslag genomen bij de Nicolaas Beetsstraat. De auto werd een dag voor het incident overgeschreven op iemand anders naam. Hij deed dit op verzoek van de mannen die volgens justitie die bewuste avond in de auto hadden gereden. Op camerabeelden bij Primera Alblasserdam waren vervolgens inderdaad weer de verdachte en de waarschijnlijke bestuurder van de auto te zien. Ook bij de Nicolaas Beetsstraat, waar de Fiat werd aangetroffen, zijn de mannen op camerabeelden te zien.

Of er nu met een echt wapen is geschoten, blijft onbekend. Omdat er geen hulzen, dan wel inslagen zijn aangetroffen en omdat er iets gezegd wordt over een balletjespistool, gaat de rechtbank er vanuit dat het geen vuurwapen is geweest. Volgens de aangever keek hij recht in de loop van een vuurwapen. De rechtbank komt tot de conclusie dat de verdachte een (nep) vuurwapen heeft gebruikt om de aangever met de dood te bedreigen. “De verdachte heeft tweemaal een schot gelost in de richting van de aangever, waarbij de aangever in de loop van het (nep)vuurwapen heeft gekeken. De bedreigingen zorgen over het algemeen voor ernstige gevoelens van angst bij slachtoffers. Bovendien heeft het feit zich in de het openbaar afgespeeld, waardoor de verdachte met zijn daad ook de omstanders angst heeft aangejaagd,” oordeelt de rechtbank.

Eis
Het Openbaar Ministerie eiste 8 maanden cel en tenuitvoerlegging van de straffen die eerder in andere zaken voorwaardelijk werden opgelegd. De rechtbank vindt acht maanden cel te lang. “Bij de bepaling van de duur van de gevangenisstraf heeft de rechtbank acht geslagen op straffen die in soortgelijke zaken plegen te worden opgelegd. Dit maakt dat de rechtbank een lagere straf zal opleggen dan door de officier van justitie is geëist.”

Voorarrest
De vier maande cel zitten er voor de verdachte overigens al bijna op. De man zat namelijk al sinds januari in voorarrest. De maanden voorarrest worden afgetrokken van de celstraf van vier maanden.

De verdachte en het Openbaar Ministerie hebben twee weken de tijd om in hoger beroep te gaan tegen de uitspraak. Als zij dit niet doen, is de straf onherroepelijk.