rechter commissarisSLIEDRECHT – De 28-jarige Papendrechter die vorig jaar na de kerstborrel bij de scheepswerf van IHC in Sliedrecht zijn 64-jarige collega doodreed en vervolgens wegreed, moet wat het Openbaar Ministerie betreft een celstraf van twaalf maanden krijgen, waarvan vier maanden voorwaardelijk. Verder eiste justitie donderdag 28 november tijdens de rechtszitting in Dordrecht dat het rijbewijs van de man voor twee jaar ingenomen wordt en dat de man zich verplicht laat behandelen bij de reclassering.

Het noodlottige ongeval gebeurt op 20 december 2012. Bij de scheepswerf aan de Molendijk in Sliedrecht wordt die dag een kerstborrel gehouden. Onder de bezoekers zijn ook de toen 64-jarige IJsbrand de Haas en de nu 28-jarige verdachte K. K. Ze vertrekken beiden rond de klok van 21.30 uur. IJsbrand loopt over het fietspad en zou opgehaald worden door zijn echtgenote en K. rijdt in een auto en wil een dronken collega thuis gaan brengen.

Overleden
Tijdens het wegrijden ziet de Papendrechter zijn collega over het hoofd, botst tegen hem aan. De vrouw van IJsbrand, die haar man op komt halen, ziet het ongeluk voor haar ogen gebeuren en ziet hoe haar man met zijn hoofd op straat terecht komt. Ook K. merkt dat er iets niet goed gaat. Toch stopt hij niet om hulp te verlenen, maar rijdt zo snel als hij kan naar de dijk. Daar stapt hij uit, kijkt naar de plaats des onheils en constateert dat er hulp is. Vervolgens gaat hij weg. Nadat hij zijn beschonken collega heeft thuisgebracht, gaat hij terug en vraagt wie de aangereden man is. Verder houdt K. zijn mond en gaat naar huis. Acht dagen na het ongeval overlijdt IJsbrand in het ziekenhuis aan zijn verwondingen. Tien dagen na het ongeval wordt K. opgepakt door de politie, omdat een bij het ongeval gevonden auto-onderdeel van zijn auto blijkt te zijn.

Paniek
“Ik was in paniek en ik wist dat ik teveel alcohol op had. Ik had die avond tien tot twaalf glazen bier op, maar dacht dat ik nog wel auto kon rijden. Ik voelde me nuchter,” zo verklaarde K. later tijdens zijn verhoor. Verder zei K. : “Ik was bezig met het vastmaken van mijn gordel. Dat wilde niet echt lukken en lette daardoor een fractie van een seconde niet op. Ik reed twintig à dertig kilometer per uur. Ineens hoorde ik een klap en ik merkte dat ik iets had geraakt. Uit angst reed ik weg. Ik was in shock en huilde. De volgende dag vroeg mijn vrouw nog of ik het was geweest die de aanrijding veroorzaakt had, omdat de auto was beschadigd. Ik ontkende. Ik was wel van plan me na de begrafenis bij de weduwe te melden.” Zo ver kwam het echter niet. De politie kwam K. op het spoor via een schadeherstelbedrijf en hield hem aan. De Papendrechter betuigde spijt en schreef een brief naar de weduwe van zijn collega.

Nooit meer…
De weduwe liet tijdens de zitting weten, niet veel van die brief te geloven. “Dat zal wel op aanraden van de advocaat zijn voor strafvermindering. Hij stuurde de brief pas in februari. Als hij echt spijt had, had hij eerder van zich laten horen,” zei de vrouw. In een slachtofferverklaring vertelde zij hoe erg zij haar man mist en met welke vragen zij leeft. “Vorig jaar waren we veertig jaar getrouwd. De 41 mochten we niet halen. Hij was ruim twee jaar met prepensioen en was sinds die tijd liever en zorgzamer geworden, doordat hij minder in de mannenwereld zat. Onze relatie was intenser geworden. Zonder IJsbrand is de glans van ons leven af. Nooit meer met zijn achten op vakantie, nooit meer klussen, nooit meer darten, nooit meer: ‘Kom ouwe, ròken.’. Het is nog steeds onwerkelijk. Waarom is K. beschonken gaan rijden? Het meest gekwetst ben ik dat hij niet gestopt is. Zelf als je een dier aanrijdt, stop je  toch? Vanaf nu wil ik niet langer mijn energie steken in boosheid. We willen, mogen en moeten door met ons leven. Ik zet mijn energie liever in voor positieve dingen. Ik wil dat IJsbrand trots op me is, als hij langs een wolk naar beneden kijkt.”

Zelfmoord
K. antwoordde huilend op de brief met: “Wat mijn straf ook wordt, ik kom vrij. Die man niet meer. Ik heb heel vaak gedacht: ‘Wat als het mijn vader was?’. Na het ongeval heb ik vaak aan zelfmoord gedacht. Dat was de makkelijkste keuze.”

Ruzie
Al snel nadat bekend werd dat de 28-jarige Papendrechter het ongeval had veroorzaakt, werd hij bij het bedrijf ontslagen. Ook de relatie met zijn vrouw liep op de klippen, nadat hij op 16 mei van dit jaar volledig door het lint ging tegen zijn schoonouders. “U was na een bruiloft van een zwager bij uw schoonouders (alcoholhoudende drank) aan het drinken. Nadat uw schoonvader vraagt of u een jasje op wilt ruimen, gaat u totaal uit uw bol,” zo hield de rechter de man voor. “U duwt uw schoonvader uit de stoel en zegt: ‘Ik maak je kapot, bloedzuiger.’ Verder gooit u uw schoonmoeder tegen de deurpost, gooit de fotolijst van een zoontje kapot en zegt daarbij: ‘Je kleinzoon zie je nooit meer’.  U schreeuwt daarna: ‘Ik wil dood’.”

Opgenomen
De verdachte bevestigde het voorgehouden verhaal en zei: “Direct daarna ben ik opgenomen. Ik heb twee weken op een gesloten afdeling gezeten en ben daarna verder behandeld. Dat heeft me goed gedaan.”

Eis
Na de inhoudelijke behandeling was het aan de officier van justitie om een straf te eisen. Zij eiste een gevangenisstraf van twaalf maanden, waarvan vier voorwaardelijk. Verder wil de officier dat de rijbevoegdheid van de verdachte ontzegd wordt voor de duur van twee jaar en dat de man zich verplicht laat behandelen. K. had namelijk ook voor het dodelijke ongeval en het conflict met de schoonouders al een strafblad met alcohol gerelateerde zaken.

Strafvermindering
Advocaat Mark Boekhoud vroeg om strafvermindering, omdat volgens hem niet bewezen kan worden dat er te hard gereden. Het OM beweert dat er 35 kilometer per uur is gereden, waar maximaal dertig kilometer per uur is toegestaan. Volgens de advocaat is echter nergens vast komen te staan dat het precies die 35 kilometer per uur is geweest. “De politie heeft het over een gevoel. Het had ook dertig kunnen zijn,” aldus Boekhoud. Verder voerde de advocaat als verzachtende omstandigheid aan dat het slachtoffer op het fietspad liep. Boekhoud: “Ik verzoek de rechtbank een aanzienlijk lagere straf op te leggen dan is geëist.”

Uitspraak
De rechtbank doet op 12 december om kwart over één uitspraak.