ALBLASSERDAM – Een 45-jarige Alblasserdammer is maandag 26 juli door de Dordtse rechtbank vrijgesproken van mishandeling van zijn kind. De officier van justitie vond dat er wettig en overtuigend was bewezen dat de verminderd toerekeningsvatbare man herhaaldelijk zijn zwakbegaafde kind had mishandeld. De rechter, die vroeger zelf advocaat was bij kindermishandelingzaken, sprak de man echter vrij, omdat er volgens haar veel te weinig bewijs was dat er geslagen, geschopt dan wel letsel toegebracht zou zijn bij het inmiddels 11-jarige kind. Klik op Lees Meer om verder te lezen.

Volgens de advocaat van de man is de beschuldiging een slinkse manier van zijn ex-vrouw om te zorgen dat de vader geen contact meer kan krijgen met zijn kind. De twee ex-partners hebben namelijk al meer dan tien jaar fikse onenigheid over de meest uiteenlopende zaken.

Aanleiding voor de rechtszaak was de beschuldiging van de ex-vrouw van de Alblasserdammer. Zij was in 2008 naar de politie gestapt met de mededeling dat haar dochter, die toen negen jaar was, mishandeld zou worden door haar vader. Hij zou zijn kind tussen één januari 2006 en 21 november 2008 geschopt en geslagen hebben en zelfs een keer bewust een hersenschudding hebben bezorgd. Volgens de Alblasserdamse man is er helemaal niets van waar: “Ik heb haar nooit bewust geslagen of mishandeld. Ik heb echt het beste voor met mijn dochter.”

De advocaat van de Damdorper vulde aan: “Nergens is een medische verklaring te vinden dat zou kunnen duiden op mishandeling. Ook zijn diverse artsen, zoals de schoolarts nooit iets verdachts tegengekomen. Ook de schriftjes met verklaringen kloppen niet. Er zijn verschillende handschriften aanwezig en er worden veel te moeilijke woorden gebruikt,” aldus de strafpleiter.

Hoewel de officier van justitie ook het vermoeden had dat de ex-vrouw haar voormalige man op de korrel had, vond hij het aan de hand van verklaringen van onder meer de moeder en oma van het kind toch wettig en overtuigend bewezen dat de man schuldig was aan mishandeling van zijn dochter. Hij eiste daarom drie maanden voorwaardelijke gevangenisstraf en verplichte reclassering.

De rechter die vooral medelijden had met het meisje van de ruziënde exen vond het bewijs echter veel te mager en sprak de man vrij. De officier van justitie heeft veertien dagen de tijd om in hoger beroep te gaan tegen het vonnis.