ALBLASSERDAM – In Alblasserdam is een werkgroep opgericht voor het behoud van de griend ‘het Kielgat’ langs het Cortgene in Alblasserdam. Het buitendijkse gebied wordt elk jaar verder aangetast door rivierwater en wordt daarmee steeds kleiner. Een groep van zes Alblasserdammers heeft de handen ineen geslagen en wil gaan zorgen voor het beheer, behoud en herstel van het Kielgat. Niet iedereen zit daar echter op te wachten. Mede-grondeigenaar Bas Ort vindt dat de werkgroep zich niet met zijn grond moet bemoeien. “Ik ga toch ook niet de achtertuin opknappen van de mensen van de werkgroep omdat ik vind dat die niet goed of naar mijn zin wordt bijgehouden?” Zaterdag 27 maart 2021 werd er alvast een eerste vuilruimactie gehouden in het gebied.

Zessen
De werkgroep die afgelopen maand is opgericht, bestaat momenteel uit zes personen. Het gaat om Izak Fiole, Chris Singewald, Klaas Boon, Paul Slikboer, Riens Gort en Cees van Leeuwen. Met elkaar hopen zij zich in te gaan zetten voor behoud en herstel van het gebied, dat volgens hen een zeer rijke Alblasserdamse historie heeft.

Geld en mensen nodig
Izak Fiole, die langs het Kielgat woont, ziet met lede ogen aan hoe het gebied steeds verder ten prooi valt aan de rivier. “Het gebied gaat de laatste jaren erg hard achteruit. De erosie is begonnen. Door de dynamiek van het water, zijn al hele stukken grond weggeslagen. Onder meer de Waterbus, die vlakbij het Kielgat aanlegt, versnelt het afbraakproces. Als werkgroep willen we gaan kijken wat we kunnen doen om het huidige gebied te beheren en behouden en misschien zelfs te herstellen. We hopen ook mensen enthousiast te maken om mee te doen. We hebben helpende mensen en financiële middelen nodig.”

Bevers
Chris Singewald legt uit waarom hij het belangrijk vindt dat het gebied behouden blijft: “Dit gaat echt om een stukje geschiedenis van Alblasserdam. Hier werd gehandeld en de kielen van de schepen werden hier schoongemaakt. Het Kielgat was eigenlijk de voorloper van het huidige droogdok voor schepen. Het gebied heeft een grote cultuurhistorische waarde. Daarnaast leven er hier bijzondere diersoorten. Er zitten bijvoorbeeld bevers, lepelaars en ijsvogels.”

Onmisbare schakel
Klaas Boon vult aan: “Het is een belangrijk gebied dat een onmisbare schakel vormt binnen het ecosysteem van de natuur bij Kinderdijk en de Crezéepolder aan de overkant.”

Eerst een plan maken
Heel concreet zijn de plannen van de werkgroep nog niet. Izak Fiole legt uit hoe dat komt: “We willen eerst goed in beeld hebben hoe wij deze natuur kunnen behouden en mogelijk kunnen herstellen. Daarvoor hebben we de hulp nodig van een deskundige. Zodra we in kaart hebben hoe we te werk zouden kunnen gaan, kunnen we een plan van aanpak maken en kunnen we berekenen hoeveel geld er nodig is. Werkzaamheden die gedaan zouden kunnen worden, zijn bijvoorbeeld het plaatsen van een beschoeiing, het zetten van wilgen, maar ook het opruimen van al het aangespoelde plastic. Als je het plastic laat liggen, wordt het microplastic en krijg je het bijna niet meer opgeruimd.”

Steeds sneller
Volgens de werkgroep is in de afgelopen 15 tot 20 jaar zeker dertig procent van het gebied prijsgegeven aan het water. “En dat proces gaat nu steeds sneller,” weet Izak Fiole. De werkgroep hoopt dat sponsors en vrijwilligers zich zullen melden, om samen de schouders eronder te zetten en het gebied op te knappen. Aanmelden kan via I.fiole@gmail.com. “En wellicht is er nog ergens een gepensioneerde ingenieur die mee wil kijken, zodat we een ‘strijdplan’ en een kostenraming kunnen maken.”

Drie eigenaren
Het Kielgat in Alblasserdam is eigendom van drie verschillende eigenaren. De punt bij de rivier is van Gerbrand van der Koogh. Het deel aan de rechterkant, vanaf de dijk gezien, is eigendom van Bas Ort en het deel links is van de gemeente Alblasserdam.

Reactie gemeente Alblasserdam
De drie eigenaren zijn gevraagd naar hun plannen met het gebied. De gemeente Alblasserdam laat weten vooralsnog geen plannen te hebben. “De gemeente is voor een derde eigenaar van dit gebied. Het gebied heeft de bestemming natuur en groen. Het gemeentelijk deel is hoofdzakelijk water en een deel groen. Dit willen we graag zo houden. Er zijn geen plannen bij de gemeente voor dit gebied en daarom is er naast reguliere onderhoudsbudgetten voor openbare ruimte geen geld voor gereserveerd. We zijn zeer benieuwd wat de particuliere initiatieven zijn,” laat gemeentewoordvoerster Annelies van den Dool weten.

Molenerf
Gerbrand van der Koogh uit Maastricht kocht zo’n dertig jaar geleden de punt bij de rivier en bracht dit onder in een stichting. Van der Koogh vertelt: “Het gaat om een molenerf van 390 vierkante meter groot. Ik heb de grond ooit gekocht met het idee om op de grond een molen te herbouwen. Vroeger, rond 1900 stond op deze grond namelijk een beukmolen; een hennepklopper. In de 19e eeuw werd er hennep geteeld ten behoeve van de touwslagerijen. De hennep werd geplet en gestampt om de zachte delen kwijt te raken. De pap werd weggespoeld in het rivierwater, zodat de sterke hennepvezels overbleven om gebruikt te worden. In 1904 is de molen gedemonteerd, zoals ze in die tijd wel vaker deden, en weer opgebouwd in Nieuw-Lekkerland. Daar is de molen gebruikt als korenmolen.”

Immense operatie
Het idee om  op de locatie een molen terug te plaatsen, heeft Van der Koogh inmiddels grotendeels losgelaten. “Je hebt dan een molen nodig die vrijkomt op een andere locatie. Daarnaast heb je hulp nodig van de provincie, Rijkswaterstaat, een molenstichting. Het is een immense operatie en de overheden moeten ook meedoen in zo’n plan. Ik zie dit allemaal nog niet zo snel gebeuren.”

Verstevigd
Om te zorgen dat de grond niet teveel wordt ‘opgegeten’ door het water, heeft Van der Koogh zijn stukje grond laten verstevigen met dijkenklei en keien. Concrete plannen heeft hij er momenteel niet mee. “Het is natuur en ik woon al twintig jaar in Maastricht.” Van der Koogh is benieuwd naar de plannen van de werkgroep en staat open voor een gesprek met de groep.

‘Not amused’
Bas Ort, eigenaar van het grootste deel van het gebied, is minder te spreken over de plannen van de werkgroep. Hij is, zoals hij zelf zegt, ‘not amused’ als hem wordt gevraagd naar zijn visie op het initiatief. “Ik heb drie punten als antwoord. Punt 1: Het rietgors is mijn privé-eigendom. 2. Ik bemoei me toch ook niet met hoe hun achtertuin erbij ligt? En 3: Ik wil niet dat er mensen op mijn grond komen. Ik loop ook niet zomaar in andermans tuin. De grond is privébezit. Moet ik soms een bord ‘Verboden toegang’ plaatsen?”

’t Zandeken
Ort vervolgt: “Iedereen denkt altijd maar dat dit openbare grond is, maar het hoort al decennialang bij villa ’t Zandeken, waar mijn advocatenkantoor gevestigd is.” Via de website van Zwartbol Advocaten is meer informatie te vinden over de geschiedenis van ’t Zandeken.

Mijn grond
Gevraagd naar waarom Ort wat geprikkeld lijkt te reageren, vertelt hij: “Dat is omdat zij zich zomaar met mijn grond bemoeien. Ik wil geen mensen op mijn grond. Ik loop ook niet ineens in hun tuin, om vervolgens te zeggen: ‘Je bomen moeten eens gesnoeid worden en ik zal bij jou in de tuin eens jouw heg komen knippen, want ik vind het een lelijke heg.’ Bemoei je niet met mijn grond. Punt.

Misschien wel een jachthaven
Ort vindt het belangrijk dat hij zelf mag blijven beslissen over zijn eigen grond. “Misschien heb ik er wel andere plannen mee. Dat weten zij ook, want daarom komen zij nu in de lucht, maar zover ben ik nog niet. Ik heb wel ideeën maar nog geen echt concrete plannen nu, maar ik wil me niet door andere mensen in het keurslijf van een natuurgebiedje laten duwen. Misschien wil ik er wel een jachthaven bouwen of zo. Ik fantaseer maar even. Ik wil me niet nu ineens laten beperken door andere mensen die iets van mijn grond vinden.”

Gewoon industrie
De Alblasserdammer heeft er ook moeite mee dat er gedaan wordt alsof het gebied een oud en belangrijk natuurgebied is. “Het was gewoon een industriegebied. En daar waar al deze heren van de werkgroep nu zelf wonen, was vroeger een scheepswerf. Via de rivier werden bomen het balkengat in gesleept. Daar stond een zaagmolen. Zo maakte je planken en van die planken maakte je boten. De beschoeiing die er staat, is van de toegang naar het balkengat. Ook op de punt heeft een molen gestaan, volgens mij een Beukmolen die werd gebruikt voor de fabricage van touw en zeildoek. Die heeft er van 1840 tot 1904 gestaan. Met de teloorgang van de zeilvaart en de opkomst van stoomschepen raakte deze molen, die ook wel ‘Hennepklopper’ werd genoemd, overbodig en is deze afgebroken. De onderbouw is met de dijkverzwaring van 1984 gesloopt. De geschiedenis van Alblasserdam op deze buitendijkse gebieden was dus eeuwenlang een industriële, maar ik denk niet dat deze werkgroep dat nu zo graag weer in ere wil herstellen. Ik ben dat natuurlijk ook helemaal niet van plan.”

Geniet elke dag
Dat de beschoeiing van het rietgors in de afgelopen jaren niet zo goed meer is, weet Ort. Hij besluit: “Maar waarom zou ik een nieuwe beschoeiing neerzetten? Aan die beschoeiing is al 100 jaar niets gedaan. Dat kost een absoluut vermogen en dient geen enkel doel. Ik ben blij met het gebied en geniet elke dag weer van mijn rietgors. Als ik verdere plannen heb, laat ik dat echt wel netjes aan iedereen weten en zal ik zeker ook de dialoog aangaan. Ik sluit helemaal niet uit dat er een prachtige combinatie van al de verschillende elementen die er hier op dit unieke stuk grond samenkomen, is te vinden.”

 

Uit de Klaroen van 19 september 1952.