ALBLASSERDAM – Wethouder Arjan Kraijo zoekt naar een oplossing voor de toenemende klachten over houtstook in Alblasserdam. Hij zal onder meer bekijken of er mogelijkheden zijn op het gebied van handhaving. Deze week bleek dat open haarden en houtkachels officieel niet langer verantwoordelijk zijn voor 10 procent, maar voor 23 procent van de fijnstofuitstoot in Nederland. Het RIVM rekent nu ook fijnstof mee dat vlak buiten de schoorsteen ontstaat, doordat rookgassen in de buitenlucht condenseren tot kleine deeltjes.

Het onderwerp houtstook werd ter sprake gebracht door CDA’er Arie van ’t Zelfde tijdens de gemeenteraadsvergadering van dinsdag 16 februari 2021. Van ’t Zelfde vertelde: “Ik wil graag iets onder de aandacht brengen, dat vandaag uitgebreid in de publiciteit is geweest. Wij dachten allemaal dat fijnstof bij houtstook ongeveer tien procent fijnstof in de lucht zou brengen. Uit nader onderzoek is gebleken dat dit wel 23 procent is. We hebben als gemeente het schoneluchtakkoord getekend, maar ik vraag er toch aandacht voor. We hebben nogal wat nieuwbouwplannen op stapel staan. Ik roep iedereen op, die daarbij betrokken is, om daar zoveel mogelijk aandacht aan te besteden, zodat we de lucht leefbaar houden.”

Jaco Brand van de SGP vertelde dat zijn fractie constateerde dat de klachten over houtstook in Alblasserdam alleen maar toenemen. Brand stelde voor het onderwerp aandacht te geven binnen de werkgroep ‘lucht’. Burgemeester Paans vertelde echter dat die werkgroep is opgeheven.

Verantwoordelijk wethouder Arjan Kraijo ging dieper in op het onderwerp en zei het terecht te vinden dat er aandacht voor het onderwerp wordt gevraagd. “We zijn in Alblasserdam ook bezig geweest met het binnen meten van de luchtkwaliteit. We wachten nog op die resultaten. Verder ben ik uitgenodigd om aanstaande donderdag te spreken met de Europese commissie in het kader van de ‘Clean Air Dialog’. Daar komt dit onderwerp ook aan de orde.”

De wethouder zei verder het signaal van Jaco Brand over toenemende klachten over houtstook in het dorp te herkennen. “Het is goed om te beseffen dat we er serieus mee bezig. Ook bij de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid kijken we of er iets te doen is op het gebied van handhaving, aan de hand van metingen, maar dat is behoorlijk ingewikkeld.”