ALBLASSERDAM – Ze hadden het allebei niet verwacht, maar toch zijn ze het geworden: wereldkampioen bootracen in Italië. De broers Jan-Cees en Paul Korteland uit Alblasserdam deden dit jaar voor het eerst mee aan powerboat-racen in de UIM Pleasure Navigation Endurance class B. De wedstrijd werd gehouden op het Comomeer in Italië. “Mijn broer is echt nergens bang voor en kan goed situaties inschatten. Dat gaf mij vertrouwen om te varen,” vertelt Jan-Cees die inmiddels weer terug in Nederland is en weer aan het werk is in de zaak Jan Korteland Watersport in de Polderstraat.

Het Comomeer in Italië kenden de broers al behoorlijk goed van hun vroegere vakanties rondom dit meer. “Mijn vader heeft me hier leren varen. Toch prachtig om dan juist op dit meer de wereldtitel te kunnen pakken?”

Afgelopen week gingen Jan-Cees en Paul met hun boot en 300 pk motor naar Italië. In het totaal waren er drie races. Jan-Cees vertelt: “De eerste dag hadden we ontzettend slecht weer. We waren echt drijf en drijfnat. De andere dagen hadden we beter weer. Op het meer was niet zoveel deining als op zee, maar het was toch echt wel behoorlijk ruig, want we maakten met in het totaal 34 boten elke keer dezelfde ronde van negen kilometer.”

Vroeger deed de familie Korteland mee aan waterskiraces. “Daar ben ik Europees kampioen in geworden. Sport ligt ons dichtbij ons hart. Watersport is mijn passie, mijn sport en mijn werk. Met de races ben ik gestopt, toen mijn moeder overleed. Ik werkte al volop in de zaak, maar toen zij wegviel heb ik besloten met de races te stoppen. Het was trouwens ook een dure sport. Ik besloot me vol op de zaak te richten en niet mee te doen aan de wedstrijden. We hielden echter wel altijd nog goede contacten en we hebben de bedrijfsnaam hoog kunnen houden door de kennis die we vergaard hebben. Daardoor hebben we nu klanten als politie en Rijkswaterstaat in onze portefeuille.”

Korteland vervolgt: “Het offshore powerboat racen heb ik vanaf de zijlijn gevolgd. Vorig jaar ben ik als monteur mee geweest naar Malta. Daar heb ik de juiste mensen ontmoet bij de UIM. De UIM is eigenlijk een soort KNVB, maar dan op het water. Zij vertelden me dat ze, ondanks dat Nederland een waterland is, ze geen Nederlands team voor elkaar kregen om mee te doen. Met die insteek is het balletje gaan rollen. We hebben een raceboot gekocht en zijn op zoek gegaan naar sponsors. Zo hebben we alles bij elkaar kunnen harken.”

Jan-Cees vond het belangrijk om exact te weten hoe de boot, waarmee hij zou gaan varen, in elkaar zat. Hij vertelt hierover: “Het casco is bij de fabriek gekocht, maar de afbouw hebben we op de zaak zelf gedaan. Bij racen is het belangrijk om te weten hoe het in elkaar zit en hoe de gewichtsverdeling is. Als er dan wat mis mee is, weet je waar je het zoeken moet. We zijn er heel wat uren mee bezig geweest. Ik ben erg weinig thuis geweest. Vrouwlief is denk ik blij dat het nu voorbij is,” lacht de Damdorper.

De broers voeren in Italië met een Bernico ftx 27 met 300 pk Mercury motor. In het totaal bestond het wereldkampioenschap uit drie races. “De eerste twee races eindigden we achter het fabrieksteam van Bernico. Dat vonden we eigenlijk al een hele prestatie. De derde race was met 125 kilometer en stukje langer dan de andere twee races van ongeveer 85 kilometer lang. Onze tactiek was om op safe te spelen. We wilden voor de derde blijven, zodat we tweede zouden worden. We moesten aardig poken om voor te blijven. Tijdens de race crashte er een boot. Daarom kwam er een herstart. Dat was allemaal erg hectisch en lastig. Iedereen moest starten in de positie waarin hij geëindigd was. Toen bleek dat het fabrieksteam dat elke keer eerste werd, bij de start water in de boot had gekregen. Daardoor was een elektrische storing ontstaan. Hun motor leverde nauwelijks nog kracht. Vanaf dat moment zijn we gaan jagen en jagen en jagen. Als we de voorsprong zo groot mogelijk zouden maken, zouden we wel eens eerste kunnen worden. Net voor de finish haalden we het fabrieksteam voor de tweede keer in. Dat was precies genoeg voor de wereldtitel.”

Er volgden daarna nog spannende momenten. Jan-Cees vertelt hierover: “De 1,2,3 krijgen namelijk nog een extra keuring om te zien of je niet stiekem iets hebt aangepast. Alles werd binnenstebuiten gekeerd. De hijsbanden werden nog eens apart gewogen. We zaten één kilo boven het minimum. Toen moesten mijn broer en ik nog op de weegschaal. Ik woog precies hetzelfde als de dag ervoor, maar mijn broer was één kilo lichter. Als hij of ik nog lichter geweest waren, waren we gediskwalificeerd. Maar het was precies genoeg en daarmee werden we wereldkampioen, maar tegelijk ook Europees kampioen. De wedstrijden waren namelijk samengevoegd.”

Aan de titel zijn geen grote geldbedragen verbonden of waardevolle prijzen. “We hebben twee plastic bekers gehad en medailles. Maar dat geeft niets. Het is meer voor de eer en voor de PR.”

Jan-Cees verwacht niet dat hij volgend jaar de titel zal gaan verdedigen. Hij legt uit: “De wedstrijdvorm wordt aangepast. Er komen verspreid over met name Europa meerdere races. Dat zou betekenen dat we veel moeten reizen, terwijl het in het zomerseizoen erg druk is op de zaak. Dat zal dus heel lastig gaan worden, maar misschien dat we nog wel één of twee racejes mee gaan pakken.”

Team Korteland kreeg in Italië hulp van de lokale crew. “Dat was heel fijn. Hierdoor hoefden we niet onnodig veel mensen uit Nederland mee te nemen naar Italië. En aan boord was ik met mijn broer. Hij heeft in het leger gezeten en is echt nergens bang voor. Hij kan heel goed situaties inschatten. Tijdens de race zat hij achter mij en gaf hij mij informatie over alles wat er om eens heen gebeurde. Dat gaf mij het vertrouwen om te varen.”