ALBLASSERDAM  – Precies 75 jaar nadat de Belgische piloot Jean-Noël Vandaele, die voor de Engelse luchtmacht vloog, neerstortte met zijn Hawker Typhoon in de Kortlandse polder bij Alblasserdam, is zaterdag 28 september 2019 een herdenkingsbijeenkomst gehouden en zijn er een gedenksteen en gedenkbord onthuld. De bijeenkomst werd bijgewoond door onder meer het gemeentebestuur van Alblasserdam,  door de dochter van piloot, de Alblasserdamse veteranen, het 609 Squadron Association en de Belgische schepen Angelique Declercq uit Jeans geboorteplaats Menen en diverse andere Belgen en Engelsen.“Het is onvoorstelbaar hoe Jean is opgenomen in jullie gemeenschap en één van jullie is. Hoe jullie hem eren en niet vergeten. Alblasserdam staat bij 609 Squadron Association hoog in het vaandel. En ik kan jullie zeggen dat we jullie allen als familie aanzien,” aldus Coen Roumieux, vicepresident van 609 Squadron Association.

‘Gooi hem maar in een gat’
De herdenking vond plaats op de Kortlandsche Kade vlakbij de Alblasserdamse IJsclub A.Y.C. aan het Kortland. Burgemeester Jaap Paans heette de aanwezigen welkom en in het bijzonder de familie van Jean-Noël Vandaele. Verder vertelde Paans: “Luitenant Jean-Noël Vandaele is hier met eer begraven. Dat was geen vanzelfsprekendheid. Iemand die met liefde zou zeggen dat hij mijn ambtsvoorganger was, was een burgemeester in oorlogstijd, waarvan velen nu toch andere gedachten hebben. Een burgemeester die zei – en het voelt afschuwelijk om te zeggen, maar zo is het wel gegaan- “Gooi hem maar in een gat.” Maar de mensen van Alblasserdam accepteerden dat bevel niet. Met risico voor lijf en leden hebben zij Jean een eervolle begrafenis gegeven, zoals dat hoort bij een omgekomen soldaat en vliegenier. Wat is het mooi dat onze voorouders dat eerbetoon toen hebben gegeven.”

Hoge prijs
Verder vertelde de burgervader dat de familie van de piloot zich warm onthaald voelt in de Alblasserdamse gemeenschap. “En toch had het hen zeer aan het hart gegaan, als vandaag alleen maar aandacht was besteed aan Jean-Noël Vandaele. Uiteindelijk gaat het om iedereen die het leven heeft gelaten uit naam van de oorlog. En we weten in Alblasserdam welke prijs we daarvoor hebben betaald. Het is belangrijk dat we dit soort gebeurtenissen blijven herdenken. Vrijheid is een werkwoord. Het klinkt vanzelfsprekend en dat is het niet. Er is hard voor gestreden en degenen die dat hebben gedaan, hebben een zeer hoge prijs betaald. Zeker wanneer zij hun leven hebben gelaten. Vrijheid is kwetsbaar en herinneringen vervagen. Laten we vrijheid koesteren. Laten we er iedere dag aan werken.”

Toestel bergen
Tot slot vertelde burgemeester Paans dat hij graag wil dat de resten van het neergestorte vliegtuig, worden geborgen. “We gaan kijken of het mogelijk is om de restanten van het vliegtuig te bergen en waar mogelijk ook nog zichtbaar en beleefbaar te maken. Eén ding weten we zeker: de restanten die al wel gevonden zijn, zijn van onschatbare waarde en betekenis, want zij vormen mede de basis voor de reconstructie van de eerste gereconstrueerde Hawker Typhoon in Engeland. En tegelijk loopt er ook zo’n project in Canada. Laten we ons met elkaar verantwoordelijk voelen voor het mogelijk maken van die berging.”

Ooggetuige
Na de toespraak van de burgemeester, was het woord aan Martin de Jong van het 4-mei-comité in Alblasserdam. De Jong citeerde daarbij woorden van ooggetuige wijlen Jan Terlouw uit Alblasserdam. De Jong las het ooggetuigenverslag van Terlouw voor: “Ik was juist van de mulo en bij een boer aan het werk in de Kortlandse polder. Het was recht boven mijn hoofd. Ik zag hoe de granaten van het afweergeschut tegen de onderkant van één van de toestellen explodeerde. Het was of het toestel even stil hing in de lucht, om daarna met de neus naar beneden te duiken. De jachtbommenwerper kwam een paar percelen verder neer. Een grote steekvlam en een zwarte wolk waren het gevolg. Nadat ik van de eerste schrik was bekomen, rende ik naar de plaats van het ongeval. Het eerste dat ik als 14-jarige jongen tegenkwam, was het ontzielde lichaam van de piloot, die in de drassige veengronden te pletter was gevallen. Ik kwam pas bij mijn positieven, toen ik door een politieagent, die met de Duitsers samenwerkte, letterlijk van het weiland werd getrapt. De Duitse soldaten arriveerden en laadden het lichaam op een kleine vrachtwagen en voerden het af. Op de begraafplaats bij de Oude Toren kreeg hij zijn voorlopig graf. Op 2 mei 1947, plaatste men hierop een klein monument met het opschrift: ‘Er is geen groter liefde dan zijn leven te geven voor zijn vrienden.’”

Vrijheid
Nadat muziekvereniging Soli Deo Gloria het lied Abide With Mee had gespeeld en kinderen van de Ds. Joannes Beukelmanschool gedichten hadden voorgelezen en met letters het woord ‘vrijheid’ hadden gemaakt, werden het bord en de steen onthuld.

 

De onthulling werd verricht door burgemeester Jaap Paans, Jeans dochter Chantal Madeleine Maria Vandaele en drie andere familieleden. Na de onthulling klonk het taptoesignaal en volgde een minuut stilte. Na de stilte klonken het Belgische en het Engelse volkslied.

We will remember them
Luchtmachtkapitein John Roylance, die met drie collega’s aanwezig was vanuit Engeland als vertegenwoordiging van het huidige 609 squadron, sprak vervolgens de woorden:
They shall grow not old, as we that are left grow old:
Age shall not weary them, nor the years condemn.
At the going down of the sun and in the morning
We will remember them.

De laatste vier woorden werden door hem en squadronleader Merv Ashe, John Roylance, Keith Wood en Phil Bugg herhaald.

Dank
Nadat diverse aanwezigen bloemen gelegd hadden, volgde een uitgebreid dankwoord van Coen Roumieux. Hij is vicepresident van 609 Squadron Association. Zijn oom George Jaspis was tijdens de oorlog ook onderdeel van het 609e RAF squadron en heeft nog gevlogen met VanDaele. De heer Roumieux vertelde: “In naam van het 609 Squadron Association wensen wij jullie te danken voor hetgeen hier vandaag is opgezet, rondom onze gesneuvelde zoon en 609 Squadron-piloot Jean Vandaele. Toen ik hier de eerste keer een werkvergadering kwam bijwonen, schrok ik hoe groot de werkgroep eigenlijk was. De motivatie… niets was teveel. Allemaal handen op één buik. Eerst werd het een gedenkbord, toen een gedenkplaats, toen kwam er een steen bij, het bankje en volgend jaar zou er een heuse modeltyphoon bovenop moeten komen te staan, die het dan tot een volwaardig monument zal maken, dat het vandaag eigenlijk al is.”

Onze zoon
Roumieux vervolgde: “Het is wel spijtig dat we hier 75 jaar na het neerhalen en overlijden van onze piloot, dit gedenkbord moeten onthullen. Jean was een bijzonder man. Die ook nog samen heeft gevlogen met mijn oom, die ook piloot was bij het 609 Squadron. Mijn oom heeft de oorlog overleefd, maar Jean heeft, met velen, het ultieme gegeven dat hij kon geven voor ons allen. En dat is zijn leven voor onze vrijheid vandaag. Al 75 jaar ligt onze zoon in de Alblasserdamse grond te rusten. De Duitsers wilden zijn stoffelijk overschot in een put gooien en dat lieten de Alblasserdammers van toen niet toe en gaven hem een begrafenis met militaire eer. Ik wil deze mensen van toen, die er nu mogelijk niet meer zijn, maar hun familieleden wel, bedanken voor wat zij toen gedaan hebben gedaan. Want de Duitse bezetter had evengoed als vergelding Alblasserdammers tegen de muur kunnen zetten en kunnen fusilleren, voor wat zij toen voor Jean gedaan hebben.”

Onvoorstelbaar
“Het is onvoorstelbaar hoe Jean is opgenomen in jullie gemeenschap en één van jullie is. Hoe jullie hem eren en niet vergeten. Zijn rustplaats keurig onderhouden en voorzien van bloemen en kleur. De kleuren van hoop en vrede. Jean en velen hebben hun leven gegeven voor onze vrijheid vandaag. En het mag wat waaien en niet al te warm zijn, maar zij vochten jarenlang in de meest erbarmelijke omstandigheden voor ons. Laten we zorgen dat we nooit nog een oorlog moeten meemaken, want winnaars zijn er niet uitgekomen.”

Lees erover
“Aan de jongere generatie wil ik zeggen: lees erover. Jullie gaan hier meer over zien en we hopen dat jullie, zoals jullie ouders en voorouders de geschiedenis door kunnen geven aan jullie kinderen. Zodat dit gebeuren zich niet mag herhalen en dit moment niet vergeten wordt. Jullie zijn met andere woorden onze ambassadeurs.”

Tally ho!
“Eigenlijk kunnen we jullie niet genoeg bedanken voor dit alles. Hier bestaan gewoon geen woorden voor. Alblasserdam staat bij 609 Squadron Association hoog in het vaandel. En ik kan jullie zeggen dat we jullie allen als familie aanzien. Dank in naam van 609 Squadron, 609 Squadron Association, onze Belgische Luchtmacht, The Royal Airforce en alle Belgen voor wat jullie doen voor onze piloot en landgenoot. De strijdkreet van 609 Squadron is ‘Tally ho’ en werd geroepen telkens de vijand gestopt was en de aanval werd ingezet.”

Roumieux  eindigde met de beroemde woorden: “They gave their tomorrow for our today” en de strijdkreet: “Tally ho!”.

Flypast
De bijeenkomst werd afgesloten met het laag overvliegen van een oud vliegtuig: een zogenoemde flypast en met een toespraak van wethouder Dorien Zandvliet. De wethouder zei terug te kijken op een mooie, bewogen en soms ook emotionele dag. Zandvliet: “Vandaag markeren we de start van 75 jaar bevrijding. Vele jaren waarin we in vrijheid hebben mogen leven.  Het is belangrijk dat we hier elk jaar bij stilstaan.” Later in de middag werd in het IJsclubgebouw nog een tentoonstelling over de vlieger geopend.

Wrakstukken
Tijdens baggerwerkzaamheden in 2017 kwamen  enkele wrakstukken van het toestel naar boven.  Zo ontstond het initiatief om deze gebeurtenis opnieuw onder de aandacht te brengen. De Gemeente Alblasserdam, het 4 mei Comité Dodenherdenking Alblasserdam, de Historische Vereniging West-Alblasserwaard, Peter Jan van der Giessen, Arjan Wemmers en de 609 Squadron Association sloegen de handen ineen.

Aanval
Op de betreffende middag in 1944, om 15:20 uur, stijgt een groep van vier Hawker Typhoons op vanaf de Advanched Landing Ground B 53 te Merville in Noord-Frankrijk. Hun opdracht luidt een aanval uit te voeren op een aantal binnenvaartschepen die liggen afgemeerd op de Lek ter hoogte van het Waardhuis in Kinderdijk. De groep komt uit oostelijke richting over de Lek aanvliegen. Jean-Noël vliegt als Red 3 in de formatie in zijn Hawker Typhoon MN 954 met rompcode PR-U. Om 16:15 wordt de aanval ingezet. Vanaf ongeveer 3.000 meter hoogte duiken de jachtvliegtuigen op hun doel af en vuren de raketten, waarvan er onder de vleugels van elke Hawker Typhoon acht gemonteerd zijn, op hun doelwit af. Vervolgens trekken de jachtvliegtuigen op om het doelgebied zo snel mogelijk te verlaten. Ze draaien richting het zuidoosten.

Ik spring!
Kort daarna horen de overige piloten Jean-Noël duidelijk over de boordradio roepen. “Ik ben geraakt. Ik spring!” De piloten zien een zwarte rookpluim achter de machine van Jean-Noël. De drie overige Hawker Typhoons zwenken kort en vliegen naar hun collega toe. Sectieleider Pilot Officer Merret haalt opgelucht adem. Het vliegtuig brandt niet en ook ziet hij geen rookpluim meer. Wel verliest het langzaam hoogte. Dan plotseling zien de anderen hoe het toestel vanaf ongeveer 500 meter bijna loodrecht naar beneden stort. Terwijl zijn collega’s hoog in de lucht argwanend rondcirkelen, glijdt Merret voorzichtig lager, beschrijft een brede bocht rond het wrak maar kan geen valscherm ontwaren.

Tekst en foto’s: Peter Stam.
Filmpje: Yvonne de Jong.

Een paar minuten voor de herdenking was er een regenboog zichtbaar boven de plek waar piloot Vandaele 75 jaar geleden neerstortte.