OUD-ALBLAS – Een 23-jarige man uit Oud-Alblas is door de politierechter in Dordrecht veroordeeld voor het rijden onder invloed van drugs en het rijden met een ongeldig verklaard rijbewijs. De man heeft een taakstraf van veertig uur en een voorwaardelijke rijontzegging van negen maanden opgelegd gekregen. De Oud-Alblasser reed op 7 februari 2017 onder invloed van amfetamine en cocaïne over de Edisonweg in Alblasserdam. De man viel op vanwege zijn slingerende rijgedrag en werd door de politie aan de kant gezet.

De politie zag in de auto een onrustige man met verwijde pupillen die wilde bewegingen maakte mijn zijn hoofd. Dat was voor agenten voldoende reden om de automobilist te laten testen op drugsgebruik. Het NFI trof vervolgens inderdaad drugs aan in het bloed van de twintiger.

Alcohol
Het rijbewijs van de man was in 2016 al ongeldig verklaard, nadat de verdachte tot twee keer toe was betrapt op rijden onder invloed van alcohol en vervolgens de CBR-cursus niet had betaald. Toch stapte de Oud-Alblasser begin 2017 weer in zijn auto. Hij vertelde hierover: “Ik wist dat het rijbewijs niet geldig was, maar ik dreigde mijn baan te verliezen.”

Behandeld
Over het drugsgebruik zei de man dat hij in die tijd last had van een drugsverslaving, maar dat hij daar in de afgelopen tijd voor in behandeling is geweest. Inmiddels heeft hij een nieuwe baan en heeft hij ook zijn rijbewijs weer in bezit.

Enorm risico
De officier van justitie vond dat de man ‘een enorm risico’ had genomen. “Voor zichzelf en voor alle andere verkeersdeelnemers. Dit soort gedragingen zijn er een belangrijke oorzaak van dat er jaarlijks 600 mensen omkomen bij ongevallen in het verkeer. Meneer was tijdens het rijden niet verzekerd en een botsing had heel grote consequenties kunnen hebben. Ik eis een taakstraf van 60 uur en een voorwaardelijke rijontzegging van negen maanden.”

Vormverzuim
De advocaat probeerde vrijspraak te krijgen voor het rijden onder invloed, door te stellen dat er sprake is geweest van vormverzuim: “Mijn cliënt is niet in de gelegenheid gesteld om een tegenonderzoek te laten uitvoeren. Dat had wel gemoeten.”

Tegenonderzoek
De officier van justitie vertelde dat die plicht om te wijzen op een tegenonderzoek pas na de pleegdatum expliciet in de wet is opgenomen. Verder zei de officier dat hij eventueel de rest van de zaak uit wilde stellen om het tegenonderzoek op kosten van de verdachte alsnog te laten uitvoeren.” Daar bleek uiteindelijk geen behoefte aan te zijn.

Uitspraak
De rechter hield in haar strafmaat rekening met het feit dat er geen mogelijkheid voor een tegenonderzoek was geboden en legde de man in plaats van de gevraagde 60 uur werkstraf, 40 uur werkstraf op. Verder kreeg de Oud-Alblasser een voorwaardelijke rijontzegging voor de duur van negen maanden. Dat houdt in dat als de man opnieuw de fout in gaat in de komende twee jaar, hij die straf alsnog opgelegd krijgt. Als hij zich gedraagt, merkt hij niets van het voorwaardelijke deel van de straf.