afpersingALBLASSERDAM – Het Openbaar Ministerie heeft dinsdagochtend 8 januari werkstraffen geëist tegen twee mannen uit Alblasserdam.  Volgens justitie hebben de verdachten zich, samen met een 46-jarige man uit Zwijndrecht, schuldig gemaakt aan een poging tot afpersing van een 75-jarige man in Zwijndrecht.

De 46-jarige A. C. vertelde in de rechtbank dat hij tienduizenden euro’s had uitgeleend aan de 75-jarige Zwijndrechter. “Hij vertelde dat hij geld nodig had om een notaris te kunnen betalen. Daarna zou hij 2,6 miljoen euro overgemaakt krijgen uit Suriname. Elke keer zei hij dat hij meer geld nodig had en dat het dan echt overgemaakt zou worden. Ik ben inmiddels tienduizenden euro’s armer en heb mijn geld nog steeds niet terug. Hierdoor heb ik veel schulden bij mijn kinderen, familieleden en kennissen. Ik ben er gewoon ingestonken,” vertelde C..

Baas
Omdat A. C. door zijn schulden in de problemen raakte, smeedde hij samen met de mannen van 29 en 32 jaar uit Alblasserdam een plan. “We wilden meneer J. eigenlijk een beetje voor de gek houden. We deden of de twee mannen uit Alblasserdam door hun baas waren gestuurd. Ik hoopte dat hij dan wel mijn geld zou teruggeven.”

Afpersen
In de dagen die volgende kwam het drietal herhaaldelijk bij de 75-jarige over de vloer om geld los te krijgen. Alles bleef echter zonder resultaat. Dit had volgens het Openbaar Ministerie tot gevolg dat er werd geprobeerd om J. af te persen. “De mannen hebben de woning van J. doorzocht en hebben hem gedwongen goud en sieraden af te staan. Verder hebben ze het slachtoffer bij zijn keel gegrepen en hebben hem bedreigd met een stanleymes. Meneer voelde zich angstig en bedreigd.,” stelde de officier van justitie.

Mes
Van een mes was volgens de verdachten geen sprake. C: “Dat heeft hij verzonnen. Hij wil ons de bak in hebben, zodat hij het geld nog langer kan houden.” Volgens de 29-jarig M. C. was er geen kwade opzet. “Wij zouden geld ophalen voor onze ‘baas’. Maar er lag geen geld. Meneer J. heeft veel mooie praatjes maar geeft het geld niet terug. We wilden hem echt geen kwaad doen, anders had dat wel gebeurd.” De 31-jarige M. el A. vulde aan: “Meneer J. voelde zich helemaal niet angstig en bedreigd, hij heeft ons tot dertig keer toe zelf uitgenodigd om naar zijn woning te komen om het geld te halen. Elke keer had hij een andere smoes. Hij maakte de afspraken en wilde telkens meer geld. Dat doe je toch niet als je je bedreigd voelt?”

Schulden
A. C. zit voorlopige met een schuld van nog 17.000 euro bij zijn familie en zijn kinderen. “Ik vrees dat ik mijn uitgeleende geld nooit meer terug ga krijgen, want de belastingdienst heeft beslag op zijn spullen gelegd. Hij gaat er dus met mijn geld vandoor en wij worden gestraft,” treurde C.. Hij vervolgde: “Daarnaast ben ik mijn baan kwijt geraakt. De politie arresteerde mij op mijn werk en daarna heb ik negentien dagen vast gezeten. Vervolgens ben ik direct ontslagen.”

Eis
De Officier van Justitie denkt dat er meer achter de zaak zit: “Ik kan het niet bewijzen, maar ik geloof niet dat het geld alleen werd uitgeleend voor die erfenis van 2,6 miljoen in Suriname. Dat doet er verder ook niet toe, ik vind dat de verdachten zich schuldig hebben gemaakt aan een poging tot afpersing en bedreiging. Tegen A. C. eis en M. el A. eis ik een werkstraf van honderd uur en een voorwaardelijke gevangenisstraf van zes maanden en tegen M. C. eis ik tachtig uur werkstraf en een voorwaardelijke celstraf van vier maanden. Zijn aandeel in het verhaal was namelijk iets minder dan die van de andere twee verdachten.

Uitspraak
De rechtbank doet op 22 januari uitspraak in de zaak.