ALBLASSERDAM – In de afgelopen twee jaar zijn er 81 vluchtelingen gehuisvest in Alblasserdam. In 2016 waren dit er 54 en in 2017 tot nu toe 27 personen. In het afgelopen jaar ging het vooral om gezinshereniging, meldt wethouder Dorien Zandvliet in een brief aan de gemeenteraad. Eén van de aandachtspunten is volgens Zandvliet dat de beschikbare woningen voor de zogenoemde ‘statushouders’ geconcentreerd zijn in ‘bepaalde wijken’. “In de diverse overlegstructuren wordt de vinger aan de pols gehouden,” stelt de wethouder.

De brief van de wethouder stond al eerder op de gemeenteraadsagenda, maar is opnieuw geagendeerd voor woensdagavond 6 december 2017 op verzoek van onder meer de ChristenUnie. De CU had namelijk, net als een aantal andere partijen, aanvullende vragen over de brief. Bijvoorbeeld of er al statushouders aan het werk zijn. De vergadering start vanavond om half 8 in het gemeentehuis van Alblasserdam.

Baan en inkomen
De gemeente Alblasserdam laat desgevraagd weten dat van de 81 statushouders 10 mensen een (parttime) baan hebben. Elf mensen doen vrijwilligerswerk. 64 statushouders hebben een ‘dossier’ bij de Sociale Dienst Drechtsteden en ontvangen geld / een uitkering.

Project Impuls
Om de statushouders goed te integreren in de Nederlandse samenleving, heeft het Drechtstedenbestuur ingestemd met het project Impuls Statushouders. Het project bestaat uit drie onderdelen. 1. Een startmodule. Dit houdt in dat de statushouder deelneemt aan een welkomstprogramma van 4 tot 6 weken. Tot nu toe hebben 18 Alblasserdamse statushouders hieraan deelgenomen. Het tweede onderdeel is ‘taalwerkstage’. Een dergelijke stage duurt drie maanden en biedt de statushouders een Nederlandse taalomgeving om de taal te oefenen en werkervaring op te doen. Op dit moment doen 8 Alblasserdamse statushouders mee aan deze stage. Het derde onderdeel heet ‘menukaart’. Tijdens en na de inburgergingscursus kan de statushouder gebruik maken van extra cursusaanbod, zoals een intensieve taalcursus en cursussen gericht op de arbeidsmarkt. Van deze mogelijkheid hebben tot nu toe 8 mensen gebruik gemaakt.

Niemand geslaagd voor inburgeringsexamen
Alle statushouders zijn verplicht een inburgeringsexamen te doen. Van de gehuisveste statushouders heeft nog niemand zijn inburgeringsexamen gehaald. Volgens wethouder Zandvliet verloopt het inburgeringstraject in Alblasserdam, net als in de rest van Nederland, moeizaam. “Statushouders zijn zelf verantwoordelijk voor de keuze van een aanbieder, er moet een lening worden afgesloten, examens zijn prijzig, het vereiste taalniveau is relatief hoog. Van de gehuisveste statushouders heeft niemand het examen gehaald. Wel staan er drie op het punt om staatsexamen te doen. (hoger niveau, meer kansen op scholings -en arbeidsmarkt. Daarnaast volgen vijf statushouders sinds september van dit jaar de gratis MBO1-opleiding in het ParticiPand in Alblasserdam.”

Begeleiding
De vluchtelingen worden naast huisvesting en inburgering ook maatschappelijk begeleid door vluchtelingenwerk, SWA/BSR en WMO-loket en vrijwilligers. SIHVA en SWA bieden begeleiding aan op het gebied van taal, inrichting van de woning en fietslessen. Daarnaast kunnen statushouders terecht bij SIHVA voor bijvoorbeeld het repaircafé, naailessen en kinderuitjes.

Financieringsstromen
Vanuit het rijk zijn twee financieringsstromen voor statushouders. De ene betreft ‘verhoogde asielinstroom’ van 4430 euro per gehuisveste statushouder. Onder meer het project ‘impuls’ van de Sociale Dienst Drechtsteden wordt hiermee bekostigd. De andere geldstroom betreft ‘maatschappelijke begeleiding’. Hierbij gaat het om 2370 euro per volwassen statushouder om activiteiten voor maatschappelijke begeleiding te bekostigen. Denk daarbij aan begeleiding naar zelfredzaamheid, gezinshereniging, spreekuur voor vluchtelingen, workshops en gezondheid.

Volgend jaar
In de eerste helft van 2018 heeft Alblasserdam de taakstelling om zestien statushouders te huisvesten in het dorp. De drie personen die dit jaar extra zijn gehuisvest, tellen mee voor de taakstelling van volgend jaar.

Foto: Cees van der Wal.